- Groep
- Trosroos (floribunda, Weeks Roses)
- Veredelaar
- Carruth / Weeks, VS, 2009
- Knopvorm
- Lang, puntig
- Open bloem
- Dubbel, golvend/spiraalvormig, in kleine trossen; 7–9 cm
- Hart
- Spiraalvormig, vlak openend
- Kleur
- Rokerig roodoranje met tinten lavendel en mokka — moeilijk te beschrijven
- Vulling
- Dubbel, 20–25 bloemblaadjes
- Bloemstand
- In kleine trossen
- Bloei
- Overvloedige doorbloeiing de hele zomer
- Geur
- Licht, zoete appel
- Bloemduurzaamheid
- Goed; de kleur verandert met het weer
- Groeivorm
- Rond, compact, goed in balans
- Vertakking
- Dicht
- Scheuten
- Stevig
- Doornen
- Matig aantal doornen.
- Afmetingen
- 90–120 cm hoog × 90–120 cm breed
- Steun
- Niet nodig
- Blad
- Glanzend donkergroen, gezond
- Weerstand
- Hoge resistentie tegen sterroetdauw en echte meeldauw
- Gebruik
- Rabatten, groepen, het midden van een bed, snijbloemen