- Groep
- Polyantha
- Veredelaar
- F.J. Grootendorst, Nederland, 1949
- Knopvorm
- Klein, rond; opent snel uit een dichte knop.
- Open bloem
- Plat, rond, bolvormig, pompon-vormig: het lijkt op een miniatuurpioen.
- Kleur
- Donkerrood met een frambozenschijn; geen gegevens over verbleking in de zon.
- Vulling
- Halfdubbel tot dubbel, 17–25 blaadjes.
- Bloemstand
- In dichte trossen van 5–20 bloemen per scheut.
- Bloei
- Rijkelijk, in golven, van mei tot de eerste vorst.
- Geur
- Bronnen verschillen in hun beoordeling, van licht tot meer opvallend; ruwweg licht tot matig.
- Rozenbottels
- Geen gegevens.
- Groeivorm
- Lage, compacte, afgeronde struik.
- Vertakking
- Dicht, met veel dunne scheuten vanaf de basis.
- Scheuten
- Dun, buigzaam, bedekt met kleine glanzende blaadjes.
- Doornen
- Geen gegevens over het aantal doornen; de markering is conventioneel op een middelmatig niveau gezet.
- Afmetingen
- Ongeveer 30–70 cm hoog: een lage struik voor de border of pot.
- Steun
- Heeft geen steun nodig.
- Blad
- Klein, glanzend, donkergroen.
- Weerstand
- Weinig tuingegevens; vatbaarheid voor spint tijdens kasforcering wordt genoemd.
- Varianten van de variëteit
- Een sport (mutatie) van de Polyantha ‘Dick Koster’; synoniemen Mothersday, Muttertag, Mother’s Day, Fête des Mères, Paree Red. Morsdag Alba (wit), Orange Morsdag en Pink Mothersday zijn later van dit rode ras afgesplitst. Verwar haar niet met het ras ‘F.J. Grootendorst’ (Hybrid Rugosa, 1918), dat een ander ras van dezelfde kwekerij is.